Algemene trainingsprincipes

Het trainen van je hond is effectiever als je je aan bepaalde regels houdt. Men dacht vroeger dat hoe meer je trainde des te beter het resultaat zou zijn. Nu weten we beter. Rust is een hele belangrijke factor bij training. Het herstel van het lichaam is van essentieel belang bij een trainingsprogramma.

Inspanningsfysioloog Henk Kraaijenhof: “train zoveel als nodig is en niet zoveel als mogelijk is!”

Trainen + rust = succes

De rustdagen (lees: hersteldagen) worden heel erg onderschat terwijl juist deze dagen zorgen voor resultaat na een intensieve training.

Bij te weinig rust kan de hond niet (geheel) herstellen en dit zal op den duur leiden tot overtraindheid. Dit betekent uiteraard niet dat je hond op de rustdagen niks mag of moet doen! Een andere vorm van beweging is uitermate geschikt om enerzijds te herstellen van de training en anderzijds toch te blijven bewegen. Het is daarbij niet de bedoeling om tot het uiterste te gaan. Bijvoorbeeld lekker wandelen of zwemmen of naast de fiets lopen op het gemakje.

Het unieke van het lichaam is dat het zich aanpast aan de eisen die aan het lichaam worden gesteld. Training zorgt enerzijds voor een afbraak van lichaamssystemen. Cellen van weefsels, organen en enzymsystemen worden belast en gedeeltelijk afgebroken. Op een training waarin de lichaamssystemen zwaar belast worden, gaat het lichaam reageren. De training eist betere lichaamssystemen om de zware belasting op te kunnen vangen. Anderzijds gaat het lichaam de systemen dusdanig herstellen dat ze beter worden dan voor de zware belasting. Dit heet supercompensatie. Deze supercompensatie duurt maar kort. Minimaal tweemaal per week trainen geeft verbetering, met eenmaal per week trainen wordt het huidige niveau onderhouden. Essentie is dat het lichaam moe moet worden van de training, anders is er geen verbetering. Dit is het principe van overload.

 

 

 

Periodisering

“Periodisering is de sleutel tot continue progressie.” – Drs. Erik Hein (bewegingswetenschapper)

Periodisering of management van de training is niets meer of minder dan de trainingen goed plannen. Een planning waarin je de oefeningen, volume en intensiteit varieert. Als je bijvoorbeeld voor kracht of een wedstrijd gaat trainen is een methodische (lees: geperiodiseerde) opbouw nodig. Naast de trainingen schenk je bij de periodisering in training ook minstens zo veel aandacht aan herstel en adaptatie. Adaptatie is het vermogen van het lichaam zich aan te passen aan gewijzigde omstandigheden. Het lichaam moet de tijd hebben om te kunnen herstellen en te wennen aan de trainingsbelasting. Zonder herstel en adaptatie kun je niet sterker worden. Periodiseren is de beste manier om een optimaal trainingsresultaat te behalen, overtraining te voorkomen en uitdaging/variatie tijdens de trainingen te behouden.

Het is niet mogelijk een sport- of werkhond het hele jaar door op topniveau te houden. Je zult keuzes moeten maken welke wedstrijden belangrijk zijn en daar naar toe trainen. Graag wil je dat de hond op het juiste moment in die super belangrijke wedstrijd van het jaar piekt en een topprestatie neerzet. Toptrainers kunnen zo’n schema maken en onderscheiden zich daarmee van de rest. De hond wordt tijdens bepaalde periodes hard getraind en loopt minder wedstrijden. In de periode dat er veel wedstrijden gelopen wordt is de training een onderhoudstraining om de hond soepel te houden. Voor een grote en belangrijke wedstrijd wordt twee weken van te voren hard getraind en de laatste dagen voor de wedstrijd (relatief) gerust . Natuurlijk wel bewegen maar geen forse inspanningen. Dan komt de vorm tevoorschijn en hopelijk op de juiste dag de topvorm. Als de hond een serie wedstrijden achter de rug heeft, plan ook een vakantieperiode in waarbij de hond kan herstellen van alle kleine traumata en het systeem weer op orde komt. Daarna start weer een nieuwe cyclus van trainen en wedstrijden lopen. Maak eerst een jaarkalender met voor de hond de belangrijkste wedstrijden en plan daaromheen de trainingsblokken. Een trainingsblok bestaat uit een periode van acht weken. Onderzoek heeft uitgewezen dat een nieuwe trainingsbelasting na acht weken is uitgewerkt. Dan is het leerproces ten einde en moet een nieuwe uitdaging komen voor verbetering van het trainingsniveau. Bepaal in de jaarkalender de trainingen en de hersteltrainingen op basis van de data van de wedstrijd(en). Een planning hoort niet rigide te zijn. Er zijn altijd dagen dat de training niet lukt of de hond een lichte blessure heeft of gewoon die dag geen zin heeft. Dan pas je de training aan. Zie de kalender als een rode draad in je gedachten voor de opbouw van je trainingen.


Basisconditie van de hond

Onder de basisconditie (BC) van de hond wordt verstaan:

  • Goed algemeen uithoudingsvermogen
  • Goede lenigheid of mobiliteit zonder blokkades of bewegingsbeperkingen
  • Goede evenredig over het lichaam gelegen krachtige bespiering van romp- en beenspieren
  • Goede Core Stability of balans en coördinatie van de motoriek
  • Fitte hond met zelfvertrouwen, die zelfverzekerd nieuwe oefeningen wil leren.

De basisconditie is niet zomaar tot stand gebracht. Dat vergt regelmatige training over een langere periode. Het belang van goede opbouw in de groei en het leerproces van de pup of jonge hond is duidelijk. Ook op latere leeftijd kan de hond nog steeds zijn basisconditie op peil brengen of houden. Meestal moet er dan eerst een “fout” bewegingspatroon of gedrag afgeleerd worden. Daarom duurt het proces op latere leeftijd langer, maar op elke leeftijd kan nog vooruitgang geboekt worden. Na een operatie, ziekte of een aandoening kan het lichaam gelukkig herstellen en ook beter worden dan voor het ziekteproces.

 

Naar Grondmotorische Eigenschappen